BELEID BUITENGERECHTELIJKE KOSTEN (BW 6:96)


Beleid inzake Buitengerechtelijke Kosten (niet 1019aa Rv)

Inleiding

Rijnland Advocaten voert al jaren een eenduidig beleid als het gaat om de kosten die zij in rekening brengt voor het bijstaan van benadeelden.

In de regel betalen de (aansprakelijkheids)verzekeraars onze nota’s die betrekking hebben op deze kosten. Dit impliceert dat dit beleid door hen is geaccepteerd.

Verzekeraars kunnen de kosten toetsen aan het dubbele redelijkheidscriterium.

Wij menen dat onze werkwijze deze toets kan doorstaan. Hieronder lichten wij ons beleid toe.


De eerste redelijkheidstoets

De benadeelde mag erop vertrouwen, dat inschakeling van Rijnland Advocaten door een verzekeraar als redelijk wordt beoordeeld, tenzij deze verzekeraar bij aanvang van de werk-zaamheden andersluidend bericht.[i]

De tweede redelijkheidstoets

Tijd

Rijnland Advocaten noteert de tijd die zij daadwerkelijk besteedt aan het behartigen van de belangen van de benadeelde.

Deze tijd wordt bijgehouden op een urenspecificatie, welke vast onderdeel uitmaakt van de nota. Rijnland Advocaten is altijd bereid hierop een nadere toelichting te geven.

De letselschadeadvocaten van Rijnland Advocaten voldoen aan alle kwaliteitseisen die aan hen worden gesteld. De verzekeraar mag er dus op vertrouwen, dat de genoteerde tijd over-eenkomt met de daadwerkelijk in redelijkheid aan de kwestie bestede tijd.

De verzekeraar, die vermoedt dat dit vertrouwen wordt geschonden, wordt door Rijnland Advocaten uitgenodigd om hiervan - direct na ontvangst van de betreffende nota en deugdelijk gemotiveerd - melding te maken.[ii] De verzekeraar dient gemotiveerd aan te geven waarom de kostenposten niet in redelijkheid zijn gemaakt.[iii] Indien de verzekeraar dit nalaat, dan veronderstelt Rijnland Advocaten dat haar niet later zal worden tegengeworpen, dat deze tijd niet daadwerkelijk door haar in redelijkheid aan de behandeling van de zaak is besteed.

Onredelijke tijd

Rijnland Advocaten is van mening dat slechts onnodig bestede tijd de redelijkheidstoets niet kan doorstaan.

Op beide partijen rust de plicht om niet onnodig tijd aan een zaak te besteden.

Rijnland Advocaten voert in dat kader een actief beleid. Zij tracht te voorkomen dat partijen onnodig tijd besteden aan het blijven uitdragen van het eigen gelijk. Rijnland Advocaten zal steeds en tijdig actief onderzoeken of een regeling tot de mogelijkheden behoort, of dat (rechts)middelen moeten worden ingezet indien partijen het over een belangrijk uitgangspunt niet eens worden.

Uurtarief

Een “complexe” zaak kan een gering financieel belang kennen. Een “eenvoudige” zaak kan een omvangrijk financieel belang kennen.

Rijnland Advocaten meent dat iedere benadeelde er - ongeacht de aard van de zaak - recht op heeft om op deskundige wijze te worden bijgestaan.

Rijnland Advocaten kiest er daarom op dit moment voor om het te hanteren uurtarief niet af te laten hangen van de complexiteit en/of het financiële belang van de zaak. Zij brengt in alle zaken[1] een gemiddeld vast uurtarief in rekening. Dit uurtarief bedraagt op dit moment
EUR 265,00 (= voorheen EUR 250,00 nog te vermeerderen met 6% kantoorkosten) en 21% BTW.

Dit uurtarief zal dus in sommige gevallen hoger zijn dan het uurtarief dat een verzekeraar meent te hoeven betalen, maar in andere gevallen lager.

Schadebedrag versus kosten

Het hiervoor genoemde beleid kan ertoe leiden, dat de in rekening gebrachte kosten hoger zijn dan het schadebedrag dat aan de benadeelde wordt uitgekeerd.

Rijnland Advocaten is van mening dat dit enkele feit niet rechtvaardigt, dat de op grond van het vorenstaande in redelijkheid gemaakte kosten niet vergoed hoeven worden.[iv]

De PIV-staffel

Rijnland Advocaten is niet aangesloten bij het PIV-convenant. Rijnland Advocaten mag zich niet - en terecht - bij dit convenant aansluiten, vanwege de op de advocatuur van toepassing zijnde regelgeving.

De PIV-staffel kan een gemiddeld voldoende vergoeding voor de bestede tijd opleveren, indien deze in een groot aantal zaken wordt toegepast. Belangenbehartigers kiezen ook wel voor de PIV-staffel, omdat deze een aantrekkelijke voorschotregeling kent.

Het verwijzen in een individueel geval naar deze staffel, door te stellen dat de hoogte van het PIV-bedrag iets zegt over de concreet in die zaak in rekening gebrachte kosten, is dus onjuist en niet redelijk.[v]

Conclusies

Rijnland Advocaten is van oordeel, dat zij met het vorenstaande een voldoende uitleg heeft gegeven over de redelijkheid van haar declaratiebeleid in de buitengerechtelijke afwikkeling van letselschadezaken.

Rijnland Advocaten gaat er - gezien dit beleid - dus niet mee akkoord, dat een individuele behandelaar op dossierniveau beslist om tussentijdse en/of eindnota’s niet volledig te vergoeden,  bijvoorbeeld vanwege de enkele mededeling dat het uurtarief te hoog zou zijn, dat de kosten het PIV-staffelbedrag zouden overschrijden, of dat de verhouding tussen de kosten en het schadebedrag zoek zou zijn geraakt.

Rijnland Advocaten zal dit beleid bij de verzekeraar die het aangaat - en waar nodig - bekend maken. Rijnland Advocaten staat open voor overleg ten aanzien van dit beleid. Indien een verzekeraar meent dat dit beleid op punten de toets der redelijkheid niet kan doorstaan, dan nodigt Rijnland Advocaten deze verzekeraar uit om dat oordeel bekend te maken. Wij zullen dan uw inhoudelijke argumenten wegen en - waar nodig - van een juist antwoord voorzien.

RIJNLAND ADVOCATEN

Postbus 16070

2301 GB Leiden

Tel.nr.  : 071-5144477

e-mail   : info@rijnlandadvocaten.nl

 

 

 

 



[1] Bijzondere zaken en/of omstandigheden daargelaten.


[i] Ook indien Rijnland Advocaten als tweede belangenbehartiger optreedt, zie rechtbank Rotterdam, 01-12-2010, LJN BO5673, rechtsoverweging 4.7.
[ii] Vergelijk: rechtbank Den Haag, 26-10-2011, LJN BU 3870, rechtsoverweging 4.7.
[iii] Vergelijk: rechtbank Breda, 16-01-2012, LJN BV 1481, rechtsoverweging 3.24.
[iv] Vergelijk: rechtbank Rotterdam, 01-12-2010, LJN BO5673, rechtsoverweging 4.8.
[v] Vergelijk: rechtbank Den Haag, 26-10-2011, LJN BU3870, rechtsoverweging 4.4.